Voor de race had Robert Wickens zich op pole position gekwalificeerd, voor Will Power, Jack Harvey en Oliver Askew. Wickens zou de leiding echter al snel verliezen, waarna hij in de beginfase nog meer plaatsen verloor toen hij in aanraking kwam met Power op het rechte stuk.
Niet lang na de groene vlag zou Power zich op de eerste plaats melden, terwijl Dixon zich vanaf de zevende startplaats eveneens goed naar voren werkte en vlak achter Power de tweede plaats bezette. Na de eerste serie pitstops zou er zich een bijzonder mooie strijd tussen beide voormalig kampioenen ontvouwen, waarbij de leidende positie regelmatig van eigenaar wisselde. Een slechte in- en outlap bij de tweede serie pitstops deed Dixon echter terugzakken naar de vierde plaats, terwijl McLaughlin en Pagenaud doorschoven naar de tweede en derde positie.
Power kon doorrijden, maar had wel schade aan zijn voorvleugel. Dit gaf mogelijkheden voor Pagenaud, die direct de aanval op zijn leidende teamgenoot opende. Power zou de leiding echter niet zomaar cadeau geven en maakte op het rechte stuk zelf contact met Pagenaud, maar uiteindelijk kon de Fransman de leiding wel overnemen. Dit voorbeeld zou Dixon vervolgens ook volgen, welke niet veel later de aanval op Pagenaud opende. Verschillende keren zat Dixon zeer dicht achter de #22 bolide en in de slotronde probeerde de Chip Ganassi Racing coureur een inhaalactie, maar kwam uiteindelijk tekort. Zo kon Pagenaud voor het tweede weekend op rij als winnaar af worden gevlagd.
FotografieIMS



Ga naar de loginpagina om in te loggen of creëer een nieuw account!